Er doet een verhaal de ronde dat Maarten van Rossem de zoon zou zijn van een diplomaat. Dat klopt niet. Zijn vader had een heel ander vak: hij was entomoloog, een wetenschapper die insecten bestudeert. Deze tekst gaat over die man, Gerard van Rossem, en over het werk dat hij deed.

Een leven tussen de insecten

Gerard van Rossem werd in 1919 in Delft geboren en stierf in 1990. Zijn specialisme lag bij de sluipwespen, een grote en gevarieerde groep insecten die de meeste mensen nooit bewust zien. Toch spelen die diertjes een sleutelrol in de natuur en in de landbouw. Sluipwespen parasiteren op andere insecten door hun eitjes in of op een gastheer te leggen. De larven ontwikkelen zich vervolgens ten koste van dat andere insect. Voor boeren en tuinders betekent dit gratis hulp bij het bestrijden van plagen.

Wie zich in zulke soorten verdiept, doet nauwkeurig werk. Het gaat om het herkennen en benoemen van soorten die vaak maar enkele millimeters groot zijn, met verschillen die alleen onder een microscoop te zien zijn. Gerard van Rossem bouwde daarin een reputatie op als kenner.

De Plantenziektenkundige Dienst in Wageningen

Tot zijn pensioen in 1983 leidde Gerard de entomologische afdeling van de Plantenziektenkundige Dienst in Wageningen. Die dienst hield zich bezig met de vraag welke ziekten en plagen gewassen bedreigden en hoe je daar iets tegen kon doen. Insectenkennis was daarbij onmisbaar. Om een plaag te bestrijden, moet je eerst precies weten met welk insect je te maken hebt.

Wageningen was voor dit soort werk de aangewezen stad. De landbouwwetenschap had er een lange traditie, en onderzoekers uit binnen- en buitenland wisten de plek te vinden. In die omgeving groeiden de kinderen Van Rossem op, omringd door boeken, vakliteratuur en gesprekken over de natuur en de wetenschap.

Waarom geen diplomaat?

De verwarring rond het woord diplomaat is nergens op gebaseerd. Er bestaat geen betrouwbare bron die Gerard van Rossem in verband brengt met een diplomatieke loopbaan. Het beeld van ambassades en staatsbezoeken past totaal niet bij een man die zijn dagen doorbracht met determinaties en collecties.

Het echte verhaal is eenvoudig en goed te onderbouwen. Vader Van Rossem was wetenschapper, geen bestuurder of onderhandelaar. Zijn wereld was die van het laboratorium en het veld, niet die van de politiek tussen landen.

De invloed op zijn kinderen

Gerard en zijn vrouw kregen drie kinderen. Maarten, de oudste, geboren in 1943, werd historicus met de Verenigde Staten als specialisme. Vincent, geboren in 1950, koos voor de architectuurgeschiedenis. Sis, voluit Mary, werd kunsthistorica en overleed in 2022. Alle drie dus academici, elk met een eigen vakgebied binnen de geschiedenis en de cultuur.

Het is verleidelijk om daar een rechte lijn in te zien. Een vader met een grote nieuwsgierigheid naar hoe de wereld in elkaar zit, kinderen die die nieuwsgierigheid meenamen naar hun eigen studie. Zeker is dat het gezin uitgesproken seculier was en dat kennis er hoog in het vaandel stond. Het is een aannemelijker verklaring voor drie wetenschappelijke loopbanen dan een verzonnen diplomatiek verleden.

Een correctie die klopt bij de familie

Voor een familie die haar leven aan feiten en geschiedenis wijdde, is het passend om onjuiste beweringen recht te zetten. Gerard van Rossem verdient het herinnerd te worden om wat hij werkelijk deed: het bestuderen van sluipwespen en het leiden van een entomologische afdeling die de Nederlandse land- en tuinbouw hielp. Dat is een concreet en betekenisvol beroep, en het heeft niets met diplomatie te maken.

Wie de naam Van Rossem dus koppelt aan het woord diplomaat, mag die gedachte gerust loslaten. De vader van Maarten was insectenkundige, en die werkelijkheid is rijker en interessanter dan het gerucht dat er tegenover staat.